Ik ben zwanger en wil in principe mijn kind niet houden. Wat moet ik doen? Met wie kan ik praten?
Waar kan ik terecht voor een abortus?
Als je zwanger bent en daardoor in een noodsituatie verkeert, dan heb je het recht om een vrijwillige zwangerschapsafbreking te vragen. Voor minderjarigen is geen ouderlijke toestemming vereist.
De ingreep gebeurt door een arts, in een ziekenhuis of een abortuscentrum.
Alvorens een definitieve beslissing te nemen, krijg je psychologische hulp en informatie, onder meer over adoptie. Tussen de eerste raadpleging en de dag van de vrijwillige zwangerschapsafbreking is er een wachttijd van 6 dagen, om na te gaan hoe vastberaden je bent.
De dokter verricht de nodige medische onderzoeken. Hij moet de patiënte inlichten over mogelijke risico’s. De abortustechniek die hij gebruikt (chirurgische methode via aspiratie of medicamenteuze methode) is afhankelijk van het zwangerschapsstadium, eventuele contra-indicaties ...
Na een zwangerschapsafbreking is minstens één controlebezoek voorzien om na te gaan of er geen medische of psychologische complicaties zijn. Het is ook de gelegenheid om voor de toekomst een betrouwbare anticonceptiemethode te kiezen.
TERMIJN
Een abortus moet gebeuren voor het einde van de 12e week na de bevruchting. Dus 14 weken na het begin van de laatste maandstonden. Wanneer die termijn van 14 weken is overschreden, kan een therapeutische zwangerschapsafbreking worden verricht. Hiervoor moeten 2 artsen bevestigen dat het verderzetten van de zwangerschap een risico inhoudt voor de gezondheid van de moeder of moet het zeker zijn dat het ongeboren kind aan een ernstige aandoening lijdt, die op het ogenblik van de diagnose als ongeneeslijk wordt bestempeld.
![]()
Wend je tot een huisarts, een gynaecoloog of een abortuscentrum.
LUNA vzw (Unie Nederlandstalige Abortuscentra)
Franklin Rooseveltplaats 12
2060 Antwerpen
info@abortus.be
www.abortus.be
![]()











